Hoe een exoskelet je naar je pensioen brengt
Nieuwe technologieën zoals een exoskelet kunnen nieuwe banen creëren of zorgen voor duurzame inzetbaarheid van werknemers.
Lees meerRCT Gelderland is één van de consortium leden van Technohub Inclusieve Technologie Apeldoorn. Innovatiemakelaar Marieke op de Weegh vertelt over RCT Gelderland, TINT Apeldoorn en waarom zij hierbij betrokken zijn.
In dit jaarschrift van RCT is te zien hoe bedrijven nieuwe wegen inslaan, kansen benutten en daarbij ondersteuning krijgen vanuit RCT Gelderland; altijd vanuit de gedachte om ze stappen vooruit te laten zetten. De zes innovatiemakelaars van RCT Gelderland werken vraag gestuurd vanuit de ondernemer aan innovatievraagstukken die gaan over slim (nieuwe technologieën inzetten en ICT integreren), schoon (circulair ondernemen en minder verspilling van materialen en energie) en sociaal (denk aan inclusiviteit).
“Het unieke aan ons is, dat we niet vanuit een bepaald concept of volgens een vast format werken”, zegt innovatiemakelaar Marieke op de Weegh. “Wij kijken elke keer naar de vraag van de ondernemer en wat hij nodig heeft om een stap verder te komen. Dat afpellen vind ik vooral leuk. Doorvragen totdat je weet wat de echte vraag is en vervolgens met elkaar de oplossingsrichtingen verkennen. Of zoals mijn collega Harold Vulink het zegt: ‘Wij staan náást de ondernemer.’ We zijn tevreden als we een ondernemer een stap verder helpen, als we bedrijven in beweging krijgen.”
De makelaars hebben een breed netwerk, weten wat er speelt, hoe ze kunnen helpen en wie ze met elkaar kunnen verbinden. Niet alleen binnen het bedrijfsleven, ook met onderwijs- en kennisinstellingen. Dat kan over uiteenlopende vragen gaan zoals digitaliseren van productieprocessen, de inzet van Artificial Intelligence en additive manufacturing of over schoon en sociaal. “We zien in toenemende mate dat bedrijven meer circulair willen ondernemen. Ze kijken hoe zij hun afval- en reststromen kunnen hergebruiken, gaan meer modulair ontwerpen zodat reparatie en refurbishing eenvoudiger worden en investeren in opwekken en opslaan van duurzame energie. Bij het thema sociaal gaat het vaak over arbeidsmarkt- en opleidingsvraagstukken: hoe neem je je medewerkers mee in alle veranderingen en hoe krijg en behoud ik voldoende gekwalificeerde medewerkers?”
Behalve dat makelaars individuele bedrijven hiermee helpen, houden ze ook vaak ‘oploopjes’, waarbij ondernemers met dezelfde vragen van elkaar leren. Toen dat in 2020 fysiek niet meer ging, vonden de bijeenkomsten online plaats.
De makelaars zijn in de rol van ‘verbinder’ vaak betrokken bij grotere samenwerkingsverbanden en projecten. Zoals in Apeldoorn bij de Technohub Inclusieve Technologie (TINT). Deze technohub is erop gericht mensen zo duurzaam en volledig mogelijk inzetbaar te krijgen. In een hybride leeromgeving – zowel op het NewTechPark in Apeldoorn als bij bedrijven – kan worden geëxperimenteerd met technologieën die mensen in een kwetsbare positie ondersteunen in hun werkzaamheden. “Ik noem het bewust zo, want het gaat om mensen met en zónder arbeidsbeperking. Je kunt ook kwetsbaar zijn omdat je werk in de toekomst kan veranderen”, legt Op de Weegh uit.
Voorbeelden van technologische oplossingen zijn een projectiebeamer die een medewerker stap voor stap op de werkplek kan tonen welke handelingen moeten worden verricht of een exoskelet, waarmee iemand langer in staat is zwaarder of repeterend werk te verrichten. “Uitgangspunt hierin zijn voor ons de reële werksituaties”, benadrukt ze. Welke behoeften en vraagstukken hebben werkgevers en -nemers in de praktijk? Wat zijn best practices van beschikbare technologieën? “Daarvan willen we honderd vraagstukken verzamelen.” Op de fysieke locatie in Apeldoorn kunnen bedrijven zelf zien en ervaren welke oplossingen er zijn en hoe die werken.
Het idee voor deze Technohub Inclusieve Technologie kwam vanuit het A&O-fonds dat geld beschikbaar stelde om het plan te ontwikkelen, daarna om het daadwerkelijke plan uit te voeren. Lucrato uit Apeldoorn zocht hiervoor contact met RCT Gelderland en inmiddels is een groot consortium samengesteld. “We hebben een mooie groep van bedrijven, technologiepartners en kennisinstellingen met uiteenlopende ervaring en kennis bij elkaar. Als innovatiemakelaar ben ik in de eerste fase vooral actief geweest om interessante en relevante partijen te verbinden aan het consortium. We zijn in april 2020 gestart, in juni kregen we financiering voor de planvorming en vervolgens was er in november groen licht om de Technohub te realiseren: we hebben in kort tijdsbestek veel meters gemaakt. Het is mooi om te zien welke energie loskomt, omdat mensen uit verschillende disciplines een gezamenlijke ambitie delen.” We zijn nu bezig de Technohub op te zetten en in te richten. “Ik vind het belangrijk dat we mensen vanuit een kwetsbare positie ook naar het reguliere werkproces trekken. Juist in deze schaarse arbeidsmarkt kan technologie helpen om toegang te krijgen tot deze onbenutte talenten.”
De bedoeling is dat de Technohub een duurzaam kenniscentrum wordt waar kennisinstellingen, werkgevers en werknemers bij elkaar komen. “Waar je kunt zien op welke wijze je technologie kunt inzetten om mensen duurzaam inzetbaar te krijgen en te houden. Een hub waar je kunt leren, experimenteren, ervaren en waar je geholpen wordt. Hier zie je hoe andere bedrijven werken en waar je met elkaar kennis deelt. RCT Gelderland blijft hierin een partner omdat het past bij onze doelen en activiteiten: relevante partijen verbinden, innovatievraagstukken aanscherpen en ondernemers een stap verder brengen. We proberen iets op gang te brengen waar veel bedrijven op kunnen aanhaken.”
Neem contact op met Kennisalliantie Inclusie en Technologie.
Nieuwe technologieën zoals een exoskelet kunnen nieuwe banen creëren of zorgen voor duurzame inzetbaarheid van werknemers.
Lees meer
Nadat Oesterbank een groot deel van de productie verloor aan lagelonenlanden door de economische crisis, stonden zij voor een grote uitdaging. Dit leidde tot een nieuwe strategie met de inzet van technologie als een belangrijk onderdeel. Van grote naar kleine seriegroottes Oesterbank werkte jarenlang voor de automobielindustrie. Door de economische crisis verloren zij de massaproductie aan lagelonenlanden. ‘Er moest gezocht worden naar nieuwe markten’, vertelt Luc Rosseel, algemeen directeur van Oesterbank, ‘We hebben er toen voor gekozen om ons te gaan specialiseren in een deel van de markt dat door ons type bedrijven steeds geweigerd werd: kleine seriegroottes’. Om daar met de medewerkers van Oesterbank succesvol in te opereren was automatisering en toepassing van technologische hulpmiddelen noodzakelijk. ‘Voorheen werkten we alleen met lange seriegroottes. Dat hield in dat we een product voor minimaal 4 jaar produceerden’, vertelt Rosseel, ‘Tegenwoordig gaat het soms om opdrachten van slechts 2 uur werk. Dat is een groot verschil. Met de inzet van technologie kunnen wij complex werk vereenvoudigen en de bevoorrading volledig automatiseren’. Op die manier maakt Oesterbank het schakelen tussen producties voor de medewerkers zo simpel mogelijk. Een diversiteit aan technologieën Oesterbank werkt met verschillende technologieën om het werk toegankelijk te maken voor de medewerkers. Ze maken gebruik van automatische orderpicking via Drop-to-Light en Pick-to-Light-systemen. Die techniek is vergelijkbaar met de Operator Support Systemen die onder meer bij Senzer en Amfors in Nederland worden ingezet. Via rollerbanen worden goederen op een efficiënte en snelle manier van punt a naar b verstuurd. Dat scheelt veel tijd. ‘Computers registreren alles bij Oesterbank’, vertelt Rosseel, ‘Alles gaat via scanning, dus niets hoeft gelezen of geschreven te worden.’ Schermen op de werkvloer tonen aan of de productie volgens planning verloopt. Dat vergroot de betrokkenheid van de medewerkers. Daarnaast maakt Oesterbank gebruik van veel ergonomische toepassingen. Medewerkers worden ontlast van fysiek zwaar werk door bijvoorbeeld de kanteltafel of de overheveltafel. Hierdoor houden medewerkers het werk langer vol. Niet alleen dagelijks, maar ook de rest van hun loopbaan. ‘Sociale werkbedrijven zijn het kenniscentrum voor aangepaste arbeid’ Binnen Oesterbank is innovatie inmiddels een dagelijkse opdracht. Volgens Rosseel is het een noodzaak om hierin te investeren: ‘Sociale werkbedrijven zijn een kenniscentrum voor aangepaste arbeid en/of aangepaste processen. Zij moeten dan ook actuele kennis in huis hebben van de mogelijkheden’. De inzet op innovatie heeft bij Oesterbank inmiddels geleid tot een verdubbeling van het aantal arbeidsplaatsen. In de regio wordt Oesterbank beschouwd als een regulier bedrijf vanwege de geleverde kwaliteit. ‘Medewerkers ervaren de vooruitgang’ In het begin voelde de inzet op nieuwe technologie voor de medewerkers als een bedreiging. ‘We hebben een bedrijfspsychologe ingehuurd die iedere week met de medewerkers keek naar het nut van de automatisering. De werking werd toegelicht en er werd uitgelegd wie wat ging doen en wie waar terechtkwam’, vertelt Rosseel, ‘We ervaren nu dat de medewerkers het waarderen als er bezoekers langskomen. Daar waar vroeger schaamte was, is nu trots.’ De medewerkers ervaren de vooruitgang. De werkvoorwaarden zijn verbeterd en de salarissen zijn gestegen. Daarnaast hebben de medewerkers meer zelfrespect, meer betrokkenheid bij het bedrijf en zijn ze vitaler. Rosseel: ‘Ze zouden het ons kwalijk nemen als we nu terug zouden gaan naar de oude situatie’. Ondertussen is innovatie zover ingeburgerd dat de medewerkers zelf met suggesties komen om bepaalde activiteiten te innoveren of te automatiseren. Kijk voor meer informatie over Oesterbank op Oesterbank.be.
Lees meer
UW, het sociale werkbedrijf van Utrecht, draait ook een pilot onder de Kennisalliantie Inclusie en Technologie (KIT). Al een aantal jaren produceert UW Utrecht stalen frames voor zonnepalen voor het bedrijf Sunbeam. ‘Dat is niet per se fysiek zwaar werk’, vertelt Arjan, ‘maar vooral het repeterende karakter van het werk maakt het zwaar’. Om ervoor te zorgen dat de medewerkers van UW het werk voor Sunbeam ook in de toekomst kunnen blijven doen en om hen uitdagend werk te blijven bieden, wilde Arjan graag kijken naar innovatieve oplossingen. Dat is dan ook de reden dat hij een pilot indiende bij de kennisalliantie. ‘Na de presentatie was er wel wat weerstand’ ‘Eerst heeft TNO gekeken naar ons productieproces’, vertelt Arjan over de start van de pilot, ‘Zij keken naar wat het werk inhoudt en wat de knelpunten zijn. Ook hebben ze interviews gehouden met de medewerkers om te horen hoe zij het productieproces beleven en wat voor hun de knelpunten zijn. Daar zijn een aantal voorstellen uit voortgekomen.’ Deze voorstellen presenteerde TNO aan de medewerkers. Op die manier zijn zij meegenomen in het traject en voorbereid op de komende veranderingen. ‘Na de presentatie was er wel wat weerstand’, vertelt Arjan, ‘We zien wel dat de medewerkers inmiddels iets opener staan tegenover de aanpassingen. In het afdelingsoverleg herhalen we regelmatig waar we mee bezig zijn. De medewerkers vragen naar de stand van zaken en geven het een kans.’ Afbeelding: werknemer UW Utrecht aan het werk Aangepaste productielijn Op basis van de analyse en voorstellen van TNO voegde UW Utrecht een rollerbaan en een verstelbare tafel toe aan een productielijn. Deze opstelling bood niet de gewenste oplossing. ‘Waar we tegenaan lopen met deze testopstelling is dat mensen veel meer met elkaar moeten samenwerken dan dat ze gewend zijn. De medewerkers vinden het bijvoorbeeld lastig om te zien dat ze moeten bijspringen bij de ander als hun eigen werktempo hoger ligt.’ Arjan ziet dat de medewerkers het best tot hun recht komen als ze redelijk solistisch en op een eigen tempo hun werk kunnen doen. Brede inzetbaarheid als belangrijk aandachtspunt In de tweede fase van de pilot gaat UW onderzoeken of de inzet van cobots (collaboratieve robots)een passende oplossing biedt. Daarvoor is Arjan met verschillende technologiebedrijven in gesprek gegaan: ‘Ik ging op zoek naar een bedrijf dat kon meedenken over hoe mijn productielijn eruit moet komen te zien, zodanig dat onze medewerkers goed kunnen samenwerken met die cobot.’ Het heeft Arjan interessante inzichten opgeleverd over waarin leveranciers van cobots zich van elkaar onderscheiden, zowel qua hardware als qua software. Arjan noemt ook brede inzetbaarheid als een belangrijk aandachtspunt, ‘Je kan redelijk eenvoudig een automatiseringsbedrijf inhuren en je bedrijf automatiseren, maar dan heb je een machine die specifiek voor dit product is gemaakt en je hebt je mensen niet meer aan het werk. Dan schiet je je doel voorbij. Ik wil technologie onderzoeken en invoeren die breed inzetbaar is op verschillende soorten werk en liefst ook bij andere bedrijven die met mensen met een beperking werken.’ Innovatie verkleint de stap naar regulier werk Arjan vindt het sowieso belangrijk om te investeren in nieuwe technologie: ‘Als je dat niet doet, dan ben je ook niet interessant voor de markt. Daarnaast is het belangrijk om zo de stap naar regulier werk te verkleinen. Als je medewerkers bekend zijn met een breed scala aan werksoorten, zoals achter de freesbank staan, montagewerkzaamheden, lassen en met computers en robots werken, dan wordt de stap naar een regulier bedrijf ook veel gemakkelijker.’ Afbeelding: robotarm UW Utrecht is actief deelnemer in de Kennisalliantie Inclusie en Technologie (KIT). De Kennisalliantie Inclusie en Technologie initieert en faciliteert in het hele land pilots om verschillende technologieën te testen en businesscases te ontwikkelen.
Lees meer
Zeven aanvragen zijn geselecteerd voor een subsidie van UWV. De prijswinnaars gaan deze maand van start met hun pilots. CTI heeft in totaal 24 aanvragen ontvangen. Een vakkundige jury beoordeelde de aanvragen. Van de 24 aanvragen zijn er 7 geselecteerd als prijswinnaar. Zij ontvangen subsidie van UWV om hun pilots uit te voeren. De prijswinnaars gaan nog deze maand van start en zullen naar verwachting eind december 2019 worden afgerond. Met de pilots wil CTI de impact onderzoeken van nieuwe technologie op de toegankelijkheid van werk, de kwaliteit van werk en de economische haalbaarheid. Ook onderzoeken ze welke barrières een verdere opschaling in de weg staan. De gehonoreerde aanvragen Maakt werk zichtbaar Maak BV richt twee werkplekken in om mensen met een visuele beperking een lichtharnas (een veiligheidsvest met ledlampjes) in elkaar te laten zetten. De ene werkplek wordt voorzien van een eSight bril die zaken uitvergroot. De andere werkplek wordt ingericht met een Orcam (voorlees)bril waarbij geschreven instructie omgezet wordt in tekst. Een human interface mate (Him) houdt toezicht op de juiste uitvoering van de taken en begeleidt de medewerkers tijdens de productie. Dit is een toestel met een infraroodscanner die analyseert wat er gebeurd en die in staat is alarm te slaan wanneer er een fout wordt gemaakt. Cobot en exoskelet Werkzaak Rivierenland gaat bij vier werkgevers een exoskelet inzetten om werknemers die fysiek zwaar werk doen te ontlasten. Bij Werkzaak Rivierenland zelf gaan ze een cobot inzetten voor het organiseren van pallets. De cobots richten zich ook op het fysiek ontlasten van de medewerkers. Speaksee spraakherkenning De Nationale politie en Ctalents, die werknemers detacheert bij ABN AMRO, Rabobank en PwC, gaan het systeem Speaksee testen. Dit is een systeem van microfoons dat spraak binnen 1 seconde automatisch omzet naar tekst door middel van spraakherkenning. Het helpt doven en slechthorenden in hun communicatie. De gebruiker kan op zijn smartphone, tablet of laptop lezen wat er door welke persoon (kleurherkenning) wordt gezegd. 11 werknemers gaan in de pilot met Speaksee aan de slag. Magazijnbeheer met een slimme bril Metafors gaat aan de slag met een slimme bril voor magazijnbeheer. Een projectie in de bril geeft medewerkers instructies over het afhandelen van orders en voorraadbeheer. Communiceren met beelden WerkSaam Westfriesland gaat testen of de Ebb-app toegepaste waarde heeft op de werkvloer. Deze app bevat een verzameling van beelden die medewerkers met een licht verstandelijke beperking kunnen helpen om te praten over wat zij belangrijk vinden. De Ebb-app is ontwikkeld voor mensen die baat hebben bij ondersteuning van de dialoog met beeldmateriaal. Groen gedragen WVS-groep probeert werk in de groenvoorziening, dat fysiek zwaar is en veel concentratie kost, toegankelijker te maken door de inzet van elektrisch gereedschap in combinatie met omgevingssensoren. De omgevingssensoren geven signalen om de kwaliteit van het werk te bewaken. Goed omgaan met je energiebalans Onbeperkt aan de Slag gaat bestaande applicaties en apps testen die werknemers met een beperking helpen om hun energiebalans te monitoren en te behouden. In de pilot wordt een dashboard ontwikkeld die de applicaties en apps met elkaar verbindt. Samen vormen ze dan een energiemanagementsysteem. Doel is om werknemers inzicht te geven in hoe zij hun energie beter kunnen verdelen en zo uitval te voorkomen. Kijk voor meer informatie over de Coalitie voor Technologie en Inclusie (CTI) op www.technologievoorinclusie.nl.
Lees meer