ArtikelenTechnologieënTINTProgramma & pilotsSubsidieregelingEventsKIT

Technologie en menselijk handelen gaan hand in hand

In moderne organisaties speelt technologie een grote rol bij bijna elke verandering. Nieuwe digitale systemen, apps, platforms of automatiseringsoplossingen worden vaak gepresenteerd als dé sleutel tot innovatie, efficiëntie en inclusie. Maar in de praktijk komt dat niet altijd uit. Implementaties stranden, systemen worden slechts gedeeltelijk gebruikt of leiden zelfs tot nieuwe vormen van uitsluiting. Dit roept de vraag op: bepaalt technologie hoe wij werken, of bepalen wij hoe technologie werkt?

  • Implementatie
  • Inclusieve technologie

Bepaalt technologie hoe wij werken, of bepalen wij hoe technologie werkt?

Het Structurational Model of Technology, ontwikkeld door de wetenschapper Wanda Orlikowski (1992), geeft hier een duidelijk antwoord op. Dit model laat zien dat technologie nooit losstaat van mensen en hun omgeving. Technologie verandert een organisatie niet vanzelf. Het zijn de mensen die technologie vormgeven, gebruiken en er betekenis aan geven. Daarom moeten we, om de impact van technologie goed te begrijpen, kijken naar de wisselwerking tussen mensen, technologie en de organisatie waarin die wordt gebruikt.

Een dynamische wisselwerking tussen technologie, mens en organisatie

Orlikowski bouwt voort op de sociologische structuratietheorie van Anthony Giddens (1984). Die theorie zegt dat sociale regels en afspraken – zoals hoe we besluiten nemen – ons gedrag bepalen, maar dat we die regels zelf ook steeds opnieuw maken en bevestigen. Orlikowski past dit idee toe op technologie. Technologie wordt aan de ene kant door mensen ontworpen, op basis van bepaalde verwachtingen, doelen en waarden. Aan de andere kant beïnvloedt technologie, zodra we die gaan gebruiken, hoe wij werken: sommige handelingen worden makkelijker, andere juist lastiger.

Deze wisselwerking is geen lineair proces maar een continu patroon van interpretatie, gebruik, aanpassing en herstructurering. Technologie is daarom nooit neutraal of overal hetzelfde te gebruiken; de betekenis ontstaat pas door wat mensen ermee doen in hun eigen omgeving.

Het model maakt onderscheid tussen technologie zoals deze is ontworpen, en technologie zoals mensen die daadwerkelijk gebruiken. Technologie als ontwerp verwijst naar hoe het er fysiek of digitaal uitziet: de software, de knoppen, de interface en de functies. Deze dragen al de sporen van menselijk handelen, omdat ontwerpers keuzes hebben gemaakt op basis van verwachtingen over wat gebruikers nodig hebben of zouden moeten doen. Die keuzes zijn niet waardevrij. Een systeem dat bijvoorbeeld is ontworpen voor efficiëntie kan bepaalde vormen van menselijke interactie ontmoedigen, of taken standaardiseren op een manier die niet past bij de diversiteit van gebruikers. Technologie-in-gebruik verwijst naar wat er gebeurt zodra mensen met het systeem gaan werken. Gebruikers interpreteren functies, ontdekken nieuwe toepassingen, ontwikkelen routines of ontwijken onderdelen die niet goed passen. Door dit dagelijks handelen ontstaan nieuwe sociale structuren: ongeschreven regels, verwachtingen, werkpatronen en machtsverhoudingen.

Implementatie is geen eindpunt

Een belangrijk inzicht van het Structurational Model of Technology is dat implementatie geen eindpunt is, maar het begin van een proces van betekenisvorming. Technologie wordt niet ‘uitgerold’ zoals je een product neerzet; maar wordt geleidelijk ingevuld door mensen die ermee werken. Hun ervaringen, emoties, overtuigingen en professionele identiteit spelen daarbij een centrale rol. Als medewerkers het gevoel hebben dat technologie hun autonomie beperkt of niet aansluit bij hun expertise, zullen zij manieren vinden om het te omzeilen of minimaal te gebruiken. Andersom kan een technologie die ruimte biedt voor eigen interpretatie en groei, juist leiden tot innovatie en eigenaarschap.

Dit betekent dat dezelfde technologie in verschillende organisaties tot totaal uiteenlopende uitkomsten kan leiden. Een digitaal planningssysteem kan in de ene organisatie bijdragen aan zelfregie en inclusiviteit, terwijl het in een andere organisatie leidt tot controle en frustratie. Het succes van technologie is dus niet gelegen in de functionaliteiten op papier, maar in de sociale dynamiek waarin het systeem ingebed raakt. Leiderschap, vertrouwen, cultuur, communicatie en machtsrelaties zijn bepalend voor hoe technologie wordt geïnterpreteerd en gebruikt. In organisaties waar medewerkers actief worden betrokken bij het ontwerpen, testen en aanpassen van technologie, ontstaat eerder een situatie waarin technologie versterkend werkt. In organisaties die technologie top-down invoeren zonder ruimte voor feedback, wordt technologie juist ervaren als iets dat van buitenaf wordt opgelegd.

Technologie en inclusiviteit: kansen én valkuilen

Het Structurational Model helpt ons ook kritisch kijken naar inclusiviteit. Technologie wordt vaak gepresenteerd als een objectieve oplossing voor ongelijke kansen, bijvoorbeeld door technologieën die bedoeld zijn om werk toegankelijker te maken voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Maar als de implementatie ervan geen rekening houdt met verschillen in taalvaardigheid, digitale vaardigheden of werktempo, kan technologie juist nieuwe drempels creëren. Medewerkers die moeite hebben met de technologie kunnen afhankelijk blijven van ondersteuning, terwijl anderen die de technologie snel beheersen een informele machtspositie verwerven. Inclusieve technologie vraagt daarom niet alleen om inclusief ontwerp, maar ook om inclusief gebruik, waarbij ruimte is voor verschillende vormen van betekenisgeving en toegang.

Wat betekent dit alles voor professionals die technologie implementeren? Allereerst vraagt het model om een verschuiving in denken: van technologie als oplossing naar technologie als proces. Implementeren is geen kwestie van invoeren en controleren, maar van begeleiden en co-creëren. Organisaties moeten technologie zien als onderdeel van een sociaal leerproces, waarin gebruikers actief participeren in de ontwikkeling ervan. Dit betekent dat trainingen niet alleen gericht moeten zijn op instructie, maar ook op zingeving: waarom is deze technologie belangrijk, hoe sluit het aan bij de werkpraktijk en welke ruimte is er voor aanpassing? Daarnaast is het essentieel om na de implementatie door te gaan met het monitoren van gebruikservaringen en het aanpassen van routines en ondersteuning. Technologie moet kunnen meegroeien met de organisatie, en de organisatie moet kunnen leren van het gebruik van technologie.

Het Structurational Model van Orlikowski laat zien dat technologie niet vanzelf veranderingen brengt. Technologie kan helpen veranderingen mogelijk te maken, maar kan ze ook tegenhouden. Het hangt af van hoe mensen de technologie gebruiken en ervaren. Wie technologie wil inzetten voor inclusie, innovatie of duurzame verandering, moet investeren in de sociale processen waarin technologie vorm krijgt. Dat vraagt om dialoog, reflectie en continue afstemming tussen ontwerpers, gebruikers en beleidsmakers.

Tot slot

Tot slot benadrukt het model dat technologie pas betekenisvol wordt wanneer mensen zich ermee verbinden. Het is niet de technologie die de organisatie verandert, maar de manier waarop mensen technologie gebruiken om hun werk vorm te geven, te verbeteren of te vernieuwen. Door technologie te benaderen als een dynamische en sociale realiteit, ontstaat ruimte voor echte verandering. Niet door controle, maar door co-creatie. Daarmee verlegt het Structurational Model of Technology de aandacht van de vraag “Wat kan deze technologie?” naar de wezenlijker vraag: “Wat willen wij met deze technologie mogelijk maken en hoe doen we dat samen?”

In deze reeks verschenen eerder de volgende artikelen

Starten met inclusieve technologie: begin bij het vraagstuk, niet bij de oplossing
Inclusieve technologie invoeren: veranderen met oog voor mensen en hun omgeving

Meer weten?

Wil je het artikel van Wanda Orlikowski waarop bovenstaande is gebaseerd in je mailbox ontvangen? Stuur een mail naar: [email protected]

Recente artikelen

Meet the Maker: Gabriel Costa (J58) over de Ezer sta-op rolstoel – staan, werken en meedoen

  • Meet the Maker
  • Sta-op rolstoel

Co-founder en ingenieur Gabriel Costa, studeerde aan de Universiteit Twente en wilde “James Bond gadgets” maken. Totdat een vriend hem wist te enthousiasmeren voor een idee waar al jarenlang niks mee werd gedaan: een rolstoel waarmee je niet alleen kunt opstaan, maar óók mee kunt rijden in sta-positie. Zo ontstond Ezer – een nieuwe, volledig mechanische sta-op rolstoel die vrijheid, gezondheid en zelfstandigheid combineert.

Lees meer
Meet the Maker: Gabriel Costa (J58) over de Ezer sta-op rolstoel – staan, werken en meedoen
Uitgelicht

Aan het werk met online werk- en veiligheidsinstructies

  • Circulus
  • CST

Circulus neemt deel aan de TNO-pilot over de inzet van Cognitieve Support Technologie (CST). 18 medewerkers worden ingewerkt met digitale werkinstructies op een tablet. Hiermee worden ze stapsgewijs geholpen bij het maken van houtproducten. Ook leren ze veilig werken met machines.

Lees meer
Aan het werk met online werk- en veiligheidsinstructies
Uitgelicht

De waarde van technologie voor mensen met een ondersteuningsvraag

  • CTI
  • Inclusieve technologie

Coalitie voor Technologie en Inclusie (CTI) heeft acht pilots uitgevoerd met 223 deelnemers waarbij is gekeken naar positieve praktijkervaringen met inclusieve technologie. In de pilots is gebruik gemaakt van verschillende soorten persoonsgebonden, productiegebonden en begeleidingsgerichte technologie. UWV heeft hierover een Kennisverslag uitgebracht. Wij delen graag de belangrijkste punten.

Lees meer
De waarde van technologie voor mensen met een ondersteuningsvraag

Werkkracht zet VRelax in om kandidaten te ondersteunen te ontspannen

  • Virtual Reality

Werkkracht zet VRelax in om kandidaten te ondersteunen te ontspannen. Hoe zorg je ervoor dat mensen hun stressniveau op de werkvloer kunnen verlagen? Welke technologie is hiervoor inzetbaar? KIT ging in gesprek met werkcoach Sjoerd van Eck, projectleider Pieter Schortemeijer van Werkkracht, en Business Developer Frank Nuus van VRelax. Sinds een aantal maanden wordt de app van VRelax ingezet in het groeikrachtprogramma van Werkkracht.

Lees meer
Werkkracht zet VRelax in om kandidaten te ondersteunen te ontspannen

Inzet van technologie helpt zowel klanten als medewerkers van DZB Leiden vooruit

  • DZB Leiden
  • Inclusieve technologie

Hoe blijf je als sociaal ontwikkelbedrijf relevant voor je klanten en zorg je ervoor dat je mensen aan het werk kunnen blijven? KIT ging in gesprek met Feiko Mulder, accountmanager bij DZB Leiden, over hoe zij technologie inzetten om ervoor te zorgen dat de mensen die extra ondersteuning nodig hebben op de werkplek, aan het werk kunnen blijven.

Lees meer
Inzet van technologie helpt zowel klanten als medewerkers van DZB Leiden vooruit

Innovatie is geen strakke businesscase, kwaliteit mag wat kosten

  • Digitale werkinstructies
  • TINT Rivierenland
  • Werkzaak Rivierenland

Terugblik op TINK Open Café van 9 april waar werkgever Itho Daalderop en werkleerbedrijf Werkzaak Rivierenland deelnemers meenamen over de digitale werkinstructies. Hoe gaat zo'n samenwerking in zijn werk, wat zijn de geleerde lessen en welke aanbevelingen hebben ze voor andere bedrijven. 

Lees meer
Innovatie is geen strakke businesscase, kwaliteit mag wat kosten