ArtikelenTechnologieënTINTProgramma & pilotsSubsidieregelingEventsKIT

"Technologie zet mensen in hun kracht en biedt de juiste ondersteuning."

Interview met Peter Brouwer, programmamanager Inclusieve Arbeidsmarkt bij de Goldschmeding Foundation

“Als we technologie toevoegen aan een werkproces kunnen mensen met een arbeidsbeperking bepaalde werkzaamheden en daarmee functies die ze voorheen niet of niet zelfstandig konden uitvoeren, opeens wel doen”, stelt Peter Brouwer. “Technologie zet mensen in hun kracht en biedt de juiste ondersteuning. Ze werken zonder begeleider, maar met een smart beamer of een app met artificial intelligence. Dat is de meerwaarde van inclusieve technologie en daarmee is het werk opeens wel economisch rendabel voor een werkgever.”

  • Inclusieve technologie
  • Pilots
  • TKI-LSH 2

De Goldschmeding Foundation is blij met de positieve resultaten van de pilots binnen het project Technologie voor cognitieve ondersteuning van TNO en KIT. Tijd voor de volgende stappen, wat Peter Brouwer betreft: “In het project nieuwe technologie & inclusie onderzoeken we de vraag hoe werkgevers het werk met inclusieve technologie op een andere manier kunnen organiseren en inrichten. Verder onderzoeken we hoe we de opgedane kennis en toepassingen kunnen opschalen naar andere bedrijven, ook buiten de sociale werkvoorziening.”

De Goldschmeding Foundation ondersteunt projecten die structureel en aantoonbaar bijdragen aan blijvende verandering naar een menswaardige economie, duurzaam werk en een inclusieve arbeidsmarkt. “Met kennis, donaties en ons netwerk ondersteunen we kansrijke initiatieven, die aantoonbaar kunnen bijdragen aan een blijvende verandering in de manier waarop we werken en samenwerken”, vertelt Brouwer. “Als realistische idealisten doen we dit vanuit de overtuiging dat we er allemaal baat bij hebben als we meer naar elkaar omkijken.”
De Goldschmeding Foundation is in 2015 opgericht door Frits Goldschmeding, de oprichter van Randstad. Hij vindt dat de economie weer meer ten dienste van de mens moet staan in plaats van andersom. Brouwer: “De mens én het belang van de ander zouden voorop moeten staan in het economisch handelen, naast uiteraard een gezonde bedrijfsvoering.”
Binnen de driehoek mens, werk en economie heeft de Foundation drie programma’s: Inclusieve Arbeidsmarkt, Duurzaam Werk en Menswaardige Economie. Een van de projecten binnen Inclusieve Arbeidsmarkt is het project nieuwe technologie & inclusie. De drie hoofdprogramma’s hangen met elkaar samen. Brouwer: “Een inclusieve arbeidsmarkt kun je ook opvatten als een uiting van een menswaardige economie: iedereen doet gelijkwaardig mee.”

Theory of Change

De Goldschmeding Foundation ondersteunt hun partners met kennis, netwerk en donaties. Verder gaat het fonds zelf proactief op zoek naar partners en projecten. “In ons denken en doen voor die betere wereld staat de Theory of Change (ToC) centraal”, vertelt Brouwer. “Dit verandermodel beschrijft hoe een programma of project tot de gewenste resultaten leidt. We formuleren eerst een langetermijndoel en werken dan vervolgens via een reeks uitkomsten terug naar de eerste veranderingen die moeten plaatsvinden. Wat moeten we over 10 jaar, over 5 jaar en dit jaar doen om uiteindelijk te komen waar we willen zijn? We hebben in onze drie programma’s concrete veranderpaden gedefinieerd hoe we van input naar inzicht en naar de beoogde impact komen.”

Veranderpaden voor inclusieve arbeidsmarkt

De stip aan de horizon van het programma Inclusieve Arbeidsmarkt is dat de Nederlandse arbeidsmarkt in 2050 inclusief is. “Iedereen die kan en wil, levert via werk een bijdrage aan de maatschappij en kan daarmee in zijn of haar eigen levensonderhoud voorzien”, stelt Brouwer. “Werk is een bron van inkomen en het geeft mensen ook het gevoel dat ze erbij horen en ertoe doen. Daarin volgen we drie veranderpaden: aanbod, vraag en matching. Achtereenvolgens gaat dat om de ontwikkeling en participatie van mensen, het bevorderen van een inclusieve cultuur bij werkgevers en toekomstbestendige manieren vinden om werkgevers en werkenden bij elkaar te brengen. Als ondersteunend veranderpad hebben we beïnvloeding van beleid opgezet. Belangrijk, want als wet- en regelgeving bijvoorbeeld een belemmering vormt, dan willen we daar verandering in aanbrengen.”

Peter Brouwer in gesprek met collega
Afb 1. Peter Brouwer in gesprek met collega

Mensen en werkgevers

Het veranderpad ‘aanbod’ gaat over mensen. “In Nederland hebben we tussen de 1 à 2 miljoen mensen die nu niet werken en dat wel willen, of niet zoveel werken als ze zouden willen”, zegt Brouwer. “Hoe kunnen wij bijdragen aan het versterken en verzilveren van hun competenties en aan het vinden en behouden van werk dat past bij hun ambities en mogelijkheden? Dat onderzoeken we bij de aanbodkant.”
Aan de aanbodkant heeft de Goldschmeding Foundation specifieke aandacht voor vier doelgroepen (platforms): jongeren, nieuwkomers, 50-plussers en mensen met een arbeidsbeperking. “In dat laatste platform ligt de focus in eerste instantie op de subdoelgroep mensen met een verstandelijke handicap of een psychische aandoening. Hun arbeidsparticipatie is laag, ze willen wel werken en er zijn relatief weinig bewezen effectieve aanpakken, die breed toegepast worden.” Het veranderpad ‘vraag’ wil het inclusief werkgeverschap bevorderen.

Krappe arbeidsmarkt als zegen

De krapte op de arbeidsmarkt mag wat Brouwer betreft nog wel even duren. “Krapte kan een zegen zijn, omdat het werkgevers op twee fronten in beweging zet: ze moeten breder kijken dan de geijkte kandidaten die ze normaal gesproken zoeken én ze moeten anders kijken naar de manier waarop ze het werk organiseren en inrichten. Als je op een goede manier gebruik maakt van jongeren, nieuwkomers, vijftigplussers en mensen met een arbeidsbeperking, dan blijf je bedrijfseconomisch gezond en wendbaar. Dat is de goede boodschap.”

Kraamkamers voor inzicht en groei

In elk van de platforms lopen nu gemiddeld 5 initiatieven. “Ik zie dit als kraamkamers voor research & development”, legt Brouwer uit. “Wat werkt op kleine schaal in de praktijk? Hoe komt dat? Wat zijn de werkzame bestanddelen? Wat verbeteren? Hoe uitbreiden? Wat is daarvoor nodig? De pilots en experimenten gaan over relatief kleine aantallen en wij willen hieruit die werkzame elementen destilleren, waarmee we grotere groepen mensen aan het werk krijgen. De komende vijf jaar moet elk platform ten minste twee of drie bewezen effectieve aanpakken opleveren die we landelijk kunnen opschalen.”

Van pilots naar brede toepassing bij bedrijven

Werkbedrijf IJmond Werkt heeft positieve resultaten geboekt met de zogenoemde Groen app van Anchiano (app die werknemers in de groenvoorziening ondersteunt). “Dit kan een grensverlegger worden”, stelt Peter Brouwer. “Daarom gaan we de Groen app nu bij vijf andere SW-bedrijven toepassen. We willen weten of en hoe het ook op andere plekken tot vergelijkbare positieve resultaten leidt. Na de groei kunnen we pas opschalen.”
Ook in de pilot bij sociale werkvoorziening Senzer zit wat Brouwer betreft potentie. Hier zorgt de inzet van een Operator Support Systeem (OSS) en een smartbeamer voor werkinstructies op de werkplek. “Waar we ook benieuwd naar zijn, is of en hoe deze technologie voor cognitieve ondersteuning, zoals de app en de OSS, ook buiten de muren van de SW werkt, bij reguliere bedrijven”, geeft Brouwer aan. “Als we inzicht hebben in het wat, hoe en in de voorwaarden, dan wordt de markt voor deze toepassingen vele malen groter en kan er weer nieuwe door- en uitstroom bij SW-bedrijven plaatsvinden. Dat opschalen is financieel ook nodig. Zo’n opstelling voor een smartbeamer is een forse investering en als dat op grotere schaal gebeurt, dan zal de prijs daarvan dalen, waardoor het weer sneller interessant wordt.”

Vanuit de mens denken

Van de pilots heeft Brouwer al veel geleerd: “Ik denk dat het handig is om in een heel vroeg stadium belangrijke stakeholders bij de opzet te betrekken. Als de gemeente het stokje na een pilot van ons overneemt, dan is het bijzonder effectief als die gemeente vooraf al input heeft gegeven over bijvoorbeeld de beoogde effecten, de randvoorwaarden en de financiering. Van de pilots technologie voor cognitieve ondersteuning hebben we geleerd dat we vanuit de mens moeten denken en niet vanuit de technologie. De mens is geen verlengstuk van de technologie, maar de technologie is er om de mens te ondersteunen. Hoe ervaren zij het werken met technologie? Technologie moet mensen in hun kracht zetten en precies de juiste ondersteuning bieden. Voor wie is het wel of niet en onder welke voorwaarden een meerwaarde? Dat vraagt om meer maatwerk. En kijk ook of je de technologie op een gegeven moment aanpast aan wat iemand al onder de knie heeft. Speel dan in op het nieuwe cognitieve niveau en blijf mensen uitdagen. Ieder mens wil zich immers blijven ontwikkelen.”

Meer informatie over Goldschmeding Foundation

Check de website van de Goldschmeding Foundation voor meer informatie. 

Reactie van Leendert Bos, kwartiermaker KIT

“We zijn heel erg blij met de samenwerking met de Goldschmeding Foundation, en in het bijzonder met Peter Brouwer. De focus op een inclusieve arbeidsmarkt, duurzaam werk en menswaardige economie, en de verdieping op de meerwaarde van inclusieve technologie sluit naadloos aan op de focus en activiteiten van de Kennisalliantie Inclusie en Technologie. Waar zijn gestart met het verkennen van de mogelijkheden van technologie via concrete pilots. Inmiddels zijn we een volgend hoofdstuk gestart, waarin we nadrukkelijk ook de groei en opschaling van kansrijke technologie verkennen.”

 

gerelateerde artikelen

Ook pilot inclusie en technologie bij Senzer en Dorel succesvol

  • Operator Support System
  • Pilots
  • Senzer

Aan de pilot deden 12 werknemers mee, waarvan 7 SW-medewerkers en 5 personen met een indicatie banenafspraak. De meeste medewerkers hebben extra begeleiding nodig, voeren normaal een beperkt aantal taken uit en hebben een laag werktempo. Tijdens de pilot kregen deze medewerkers in hun werk ondersteuning van een Operator Support System (OSS). Dat systeem leidt de medewerkers met lichtbeeldaanwijzingen en een bewegingssensor door het assemblageproces en detecteert hun handelingen. Resultaten De meeste pilotdeelnemers waardeerden het werken met OSS positief. Uit de pilot blijkt dat 10 van de 12 deelnemers door de inzet van OSS (veel) beter inzetbaar zijn en bij 9 van de 12 deelnemers ondervangt het systeem hun belemmeringen. Een paar medewerkers voelden zich door het gebruik van de technologie echter onzekerder dan normaal. Ook het gebruik van tekst in de werkinstructies van de OSS was voor meerdere personen een vertragende factor. Dat betekent dat in de doorontwikkeling daar rekening mee moet worden gehouden. Senzer schaft zelf OSS aan Op basis van deze uitkomsten heeft Senzer samen met Dorel besloten zelf supportsystemen aan te schaffen voor de productielijn van Maxi Cosi. Paul Verbakel, directeur Werk & Participatie van Senzer: ‘De koppeling van OSS met de assemblagegereedschappen die wij gebruiken, bleek tijdens de pilot succesvol. Het leidde tot de kostprijsreductie die wij wilden bereiken. Bovendien hebben we met de inzet van OSS aantoonbaar de kwaliteit geborgd. Medewerkers zijn beter inzetbaar doordat zij met de technologische ondersteuning meer complex werk uit konden voeren. Een laatste, maar niet het minste winstpunt is, dat de meeste medewerkers meer werkplezier ervoeren door het gebruik van OSS.’ Kennisalliantie Inclusie en Technologie De pilot bij Senzer is de tweede onder de vlag van de Kennisalliantie Inclusie en Technologie (KIT). Binnen deze alliantie onderzoeken Cedris en SBCM samen met TNO hoe nieuwe technologie zowel de werkgever kan helpen als medewerkers met een beperking. De kennis en kunde van KIT in combinatie met de operationele ervaring van pilotbedrijven leidt tot mooie kansen. Ook de eerste pilot,  bij Amfors , bleek succesvol. Inmiddels is er een derde pilot gestart,  bij UW in Utrecht. KIT ervaart groeiende interesse in deze pilots vanuit private en publieke partijen en bereidt nieuwe pilots voor.

Lees meer
Pilot inclusieve technologie

Sneller en beter werken met technische ondersteuning

  • Pilots

Hiervoor zijn de drie partijen samen een Kennisalliantie Inclusie en Technologie (KIT) aangegaan; zie eerder bericht. Onder meer bij Senzer, het werkbedrijf voor de regio Helmond-De Peel, vond een innovatieve pilot plaats. Enkele medewerkers van de groepsdetachering bij zakenpartner Dorel kregen bij het monteren van kinderveiligheidzitjes (Maxi-Cosi) ondersteuning van een operator support system (OSS). Het OSS is een technologische toepassing die medewerkers helpt bij het assembleren. Het apparaat projecteert instructies op een werktafel, zoals een pijl bij de schroevendraaier die op dat moment gebruikt moet worden, of een cirkel om het bakje met de juiste schroeven. Ook detecteert de OSS-module of de handelingen in de juiste volgorde worden uitgevoerd. De pilot bij Senzer is één van de pilots  waarin de meerwaarde van innovatieve techniek bij sociale werkbedrijven en sociale ondernemingen wordt onderzocht. Kan techniek zoals het OSS de inzetbaarheid en de leerbaarheid van medewerkers vergroten? Eerder heeft een pilot bij Amfors plaatsgevonden en een derde pilot wordt bij UW uitgevoerd.

Lees meer

Opbrengsten pilot Amfors: technologie maakt complex werk voor meer medewerkers toegankelijk

  • Inclusieve technologie
  • Pilots

Dat is het resultaat van een pilot die het werkbedrijf heeft uitgevoerd. Het is de eerste pilot onder de vlag van de Kennisalliantie Inclusie en Technologie en deze is met succes afgerond.  In de  pilot bij Amfors Groep, het sociale werkbedrijf in de regio Amersfoort, krijgen medewerkers met een zogeheten Operator Support Systeem (OSS) op de werkplek geprojecteerde werkinstructies te zien. Het OSS leidt de medewerkers stap voor stap door hun taken en wijst tegelijkertijd op eventuele fouten. Uit de pilot is gebleken dat medewerkers met OSS meer en complexere taken aan kunnen met minder persoonlijke begeleiding, dan bij hetzelfde werk zonder OSS. Ook wordt de leertijd aanzienlijk verkort. Het resultaat is dat de productiviteit snel toeneemt, het aantal fouten afneemt en de medewerkers bovendien ook meer plezier hebben in het werk. Effect op zelfvertrouwen De pilotperiode was te kort om het effect op de persoonlijke groei van medewerkers te onderzoeken. Maar de ervaringen van de testdeelnemers en hun begeleiders wijzen erop dat het zelfvertrouwen toe kan nemen doordat de medewerkers zelfstandiger kunnen werken met minder begeleiding. Eén van de begeleiders in de pilot zei: ‘Een test van 1-2 uur levert medewerkers al meer zelfwaarde op.’ Kennisalliantie Inclusie en Technologie De pilot bij Amfors is de eerste onder de vlag van de Kennisalliantie Inclusie en Technologie (KIT), een initiatief van TNO, Cedris en SBCM. KIT wil in 2018 vijf pilots uitvoeren. Pilot twee is dit voorjaar uitgevoerd bij  Senzer, het werkbedrijf in Helmond. Een derde pilot bij  UW in Utrecht, start binnenkort. In deze pilots onderzoekt KIT de meerwaarde van inzet van nieuwe technologie per werksoort, met het oog op inzetbaarheid en ontwikkeling van medewerkers. Deze kennis gebruikt KIT samen met bedrijven, technologiepartners en investeerders voor verdere implementatie en opschaling. Door gerichte inzet van nieuwe technologie ontstaan er nieuwe kansen op duurzaam werk voor mensen met een beperking

Lees meer

Derde pilot Kennisalliantie Inclusie en Technologie van start bij UW Utrecht

  • Cobots
  • Pilots
  • UW Utrecht

UW gaat testen of inzet van de cobot de productie kan verhogen en het werk minder zwaar kan maken voor medewerkers. Daarmee start de derde pilot onder de vlag van de Kennisalliantie Inclusie en Technologie (KIT), een initiatief van TNO, Cedris en SBCM. Het doel van KIT is de meerwaarde van innovatieve techniek voor sociale werkgelegenheid te onderzoeken. Het vraagstuk van UW UW Metaal produceert in opdracht van Sunbeam uit Zeist al jaren metalen frames voor het monteren van zonnepanelen op platte daken. De medewerkers bij Metaal bestaan voor het grootste deel uit SW-medewerkers en Wajong’ers. Zij ervaren het werk als fysiek zwaar door het repeterende karakter ervan. Dit is voor de ouder wordende SW-medewerkers in toenemende mate een probleem. Daarnaast is het werk door de zwaarte en de complexiteit in het algemeen minder geschikt voor mensen met fysieke beperkingen. Draagt de inzet van een colloborative robot bij aan de oplossing? Door de energietransitie neemt de vraag naar zonnepanelen toe. UW zou de productie daarom willen opvoeren, zonder dat de begeleidingstijd voor medewerkers oploopt of dat de kwaliteit van het product afneemt. Een flexibele robot (cobot) kan daar mogelijk voor zorgen. UW zet tijdens de pilot de cobot in voor de taken die medewerkers vanwege  het repeterende karakter als fysiek zwaar ervaren en voor complexe handelingen. TNO onderzoekt vervolgens wat de kosten en baten zijn van de inzet van deze cobot. Wat zijn de effecten op de inzetbaarheid en persoonlijke ontwikkeling van medewerkers? Wordt het werk op deze manier toegankelijker voor een bredere doelgroep? En kan de productie omhoog door de inzet van de cobot? Derde pilot onder de vlag van de Kennisalliantie Inclusie en Technologie In een serie van vijf pilots onderzoeken en stimuleren SBCM en Cedris samen met TNO de mogelijkheden van de inzet van technologie voor de sociale werkgelegenheid. Hiervoor zijn de drie partijen samen een Kennisalliantie Inclusie en Technologie (KIT) aangegaan. In die kennisalliantie wordt de expertise van TNO gekoppeld aan het netwerk van Cedris en de kennis van SBCM op het gebied van passend werk en de ontwikkeling van medewerkers. De pilot bij UW is de derde in de reeks. Eerder startten al een pilot  bij Amfors en  bij Senzer. De resultaten van de pilot bij Amfors worden binnenkort bekend. Meer informatie Wilt u weten hoe de eerdere pilots eruitzien? Bekijk dan de filmpjes over de pilots  bij Amfors en  bij Senzer.

Lees meer