ArtikelenTechnologieënTINTProgramma & pilotsSubsidieregelingEventsKIT

Inclusieve technologie voor mensen met een psychosociale arbeidsbeperking

Inclusieve technologie is technologie waarmee mensen met een beperking, in dit geval een psychosociale arbeidsbeperking, aan het werk kunnen komen en blijven. Maar hoe bepaal je wat je gebruikt en hoe maak je de beste keuze?
Over dit onderwerp verscheen eerder de kennisclip van instituut Gak met als titel  ‘Hoe zet je technologie in bij werknemers met een psychosociale belemmering’ en de Handreiking technologie en psychosociale belemmeringen.

  • Inclusieve technologie
  • Psychosociale belemmeringen
  • TNO
Inclusieve technologie voor mensen met een psychosociale arbeidsbeperking

Psychosociale problematiek

Onder psychosociale problematiek verstaan wij: depressie, angststoornissen, ADHD of autisme. Mensen kunnen bij het zoeken naar of behouden van werk belemmerd worden. Ze hebben bijvoorbeeld moeite met concentratie, veel last van externe prikkels of tijdsdruk, of ze zijn snel van slag bij kritiek.

Uitgangspunt

Om te bepalen wat iemand met een psychosociale arbeidsbeperking nodig heeft is het volgende uitgangspunt van belang: wat zijn de specifieke belemmeringen waar men in het werk tegenaan loopt. Daarna: welke technologie kan deze belemmeringen wegnemen of verkleinen?

Inclusieve technologie

Welke technologie kan bij mensen psychosociale belemmeringen wegnemen of verkleinen. Een overzicht van acht technologieën en bij welke belemmeringen deze ondersteuning biedt.

Augmented Reality (AR)

AR voegt informatie toe aan de wereld zoals we die zien. Denk hierbij aan werkinstructies of mentale support. AR kan ondersteunen bij geheugenproblemen, bij moeite met logisch redeneren, bij een beperkt voorstellingsvermogen, bij aandacht- en concentratieproblemen, bij het oplossen van problemen, bij het leren van taken. AR kan ook ondersteuning bieden op gebied van sociaal functioneren, bij emotieregulatie en bij motivatieproblemen.

Virtual Reality (VR)

VR maakt het mogelijk om een werkomgeving in 3D te simuleren en deze te tonen via een VR­bril.
VR kan ondersteuning bieden bij het leren samenwerken in een team, het werken met een leidinggevende, het verhogen van de motivatie om het werk uit te voeren, het vergroten van zelfvertrouwen, het verminderen van faalangst en het leren begrijpen van de aard van het werk. VR kan ook ondersteunend zijn aan het geheugen, het redeneren, het vasthouden van aandacht en het waarnemen.

Digitale assistentie

Apps kunnen digitale assistentie bieden. Een digitale assistent kan ondersteunen bij belemmeringen op gebied van sociaal functioneren, bij het reguleren van emoties, bij motivatieproblemen en bij moeilijkheden in het samenwerken. Ook kan het helpen bij het ontwikkelen van eigen regie in het functioneren op het werk.

Serious gaming en gamificatie

Een serious game is een spel waarbij het doel verder gaat dan puur vermaak. Denk aan het verhogen van motivatie, het bevorderen van teamwork of het verwerven van inzicht. Gamificatie is het inzetten van speltechnieken in het werk zelf. Met andere woorden: je pakt facetten uit een spel en voegt deze toe aan het werk of een werksituatie.
Serious gaming en gamificatie kunnen gebruikt worden bij belemmeringen op gebied van geheugen, redeneren en aandacht. Ook kunnen ze helpen bij het sociaal functioneren, het leren reguleren van emoties en het verminderen van angst en agressie.

Monitoring en feedback

Monitoring en feedbacksystemen meten lichaamsfuncties en geven feedback.
Monitoring en feedback kan vooral helpen bij het vitaal en gezond blijven. Daarnaast kan het helpen bij emotieregulatie, wat kan leiden tot een verbeterde hantering van conflicten en omgang met collega’s en leidinggevenden.

Collaborative robots

Een collaborative robot of cobot is een fysieke robot die gemaakt is om vlakbij en met mensen te werken, dit in tegenstelling tot de afgeschermde industriële robots.
De cobot kan specifieke taken van mensen overnemen. Door een slimme verdeling van taken over cobots en mensen, kan het werk voor de mens fysiek beter uitvoerbaar worden en cognitief minder complex.

Sociale robots

Sociale robots kunnen verschillende vormen aannemen zoals een androïde of mensachtige, een dier of een voorwerp.
De sociale robot kan helpen in het sociaal functioneren, bij emotieregulatie, bij het vinden van de motivatie om taken uit te voeren en zelf initiatief te nemen. Ook zijn er sociale robots die hulp bieden bij het onthouden, redeneren, plannen en het nemen van beslissingen en het uitvoeren van dagelijkse activiteiten.

Online platformen

Er zijn diverse online platformen waar mensen met een arbeidsbeperking terecht kunnen. Dit kunnen online hulpmiddelen zijn, waarmee de werknemer bepaalde vaardigheden kan oefenen in het dagelijks leven en op de werkvloer. Het kunnen ook communicatietools zijn die helpen bij het communiceren op afstand of op de werkvloer of support groepen met peers. De bestaande softwaretoepassingen kunnen websites, apps, of leeromgevingen zijn.

Meer informatie

Lees het volledige artikel van TNO met voorbeelden van inclusieve technologie bij psychosociale arbeidsbeperking op Sociaal bestek.

gerelateerde artikelen

‘Niet investeren in nieuwe technologie is geen optie’

  • Pilots
  • TNO

UW, het sociale werkbedrijf van Utrecht, draait ook een pilot onder de Kennisalliantie Inclusie en Technologie (KIT). Al een aantal jaren produceert UW Utrecht stalen frames voor zonnepalen voor het bedrijf Sunbeam. ‘Dat is niet per se fysiek zwaar werk’, vertelt Arjan, ‘maar vooral het repeterende karakter van het werk maakt het zwaar’. Om ervoor te zorgen dat de medewerkers van UW het werk voor Sunbeam ook in de toekomst kunnen blijven doen en om hen uitdagend werk te blijven bieden, wilde Arjan graag kijken naar innovatieve oplossingen. Dat is dan ook de reden dat hij een pilot indiende bij de kennisalliantie. ‘Na de presentatie was er wel wat weerstand’ ‘Eerst heeft TNO gekeken naar ons productieproces’, vertelt Arjan over de start van de pilot, ‘Zij keken naar wat het werk inhoudt en wat de knelpunten zijn. Ook hebben ze interviews gehouden met de medewerkers om te horen hoe zij het productieproces beleven en wat voor hun de knelpunten zijn. Daar zijn een aantal voorstellen uit voortgekomen.’ Deze voorstellen presenteerde TNO aan de medewerkers. Op die manier zijn zij meegenomen in het traject en voorbereid op de komende veranderingen. ‘Na de presentatie was er wel wat weerstand’, vertelt Arjan, ‘We zien wel dat de medewerkers inmiddels iets opener staan tegenover de aanpassingen. In het afdelingsoverleg herhalen we regelmatig waar we mee bezig zijn. De medewerkers vragen naar de stand van zaken en geven het een kans.’ Afbeelding: werknemer UW Utrecht aan het werk Aangepaste productielijn Op basis van de analyse en voorstellen van TNO voegde UW Utrecht een rollerbaan en een verstelbare tafel toe aan een productielijn. Deze opstelling bood niet de gewenste oplossing. ‘Waar we tegenaan lopen met deze testopstelling is dat mensen veel meer met elkaar moeten samenwerken dan dat ze gewend zijn. De medewerkers vinden het bijvoorbeeld lastig om te zien dat ze moeten bijspringen bij de ander als hun eigen werktempo hoger ligt.’ Arjan ziet dat de medewerkers het best tot hun recht komen als ze redelijk solistisch en op een eigen tempo hun werk kunnen doen. Brede inzetbaarheid als belangrijk aandachtspunt In de tweede fase van de pilot gaat UW onderzoeken of de inzet van cobots (collaboratieve robots)een passende oplossing biedt. Daarvoor is Arjan met verschillende technologiebedrijven in gesprek gegaan: ‘Ik ging op zoek naar een bedrijf dat kon meedenken over hoe mijn productielijn eruit moet komen te zien, zodanig dat onze medewerkers goed kunnen samenwerken met die cobot.’ Het heeft Arjan interessante inzichten opgeleverd over waarin leveranciers van cobots zich van elkaar onderscheiden, zowel qua hardware als qua software. Arjan noemt ook brede inzetbaarheid als een belangrijk aandachtspunt, ‘Je kan redelijk eenvoudig een automatiseringsbedrijf inhuren en je bedrijf automatiseren, maar dan heb je een machine die specifiek voor dit product is gemaakt en je hebt je mensen niet meer aan het werk. Dan schiet je je doel voorbij. Ik wil technologie onderzoeken en invoeren die breed inzetbaar is op verschillende soorten werk en liefst ook bij andere bedrijven die met mensen met een beperking werken.’ Innovatie verkleint de stap naar regulier werk Arjan vindt het sowieso belangrijk om te investeren in nieuwe technologie: ‘Als je dat niet doet, dan ben je ook niet interessant voor de markt. Daarnaast is het belangrijk om zo de stap naar regulier werk te verkleinen. Als je medewerkers bekend zijn met een breed scala aan werksoorten, zoals achter de freesbank staan, montagewerkzaamheden, lassen en met computers en robots werken, dan wordt de stap naar een regulier bedrijf ook veel gemakkelijker.’ Afbeelding: robotarm UW Utrecht is actief deelnemer in de Kennisalliantie Inclusie en Technologie (KIT). De Kennisalliantie Inclusie en Technologie initieert en faciliteert in het hele land pilots om verschillende technologieën te testen en businesscases te ontwikkelen.

Lees meer

Tweede pilot met technologie start bij Senzer. Welke bedrijven volgen?

  • Pilots
  • TNO

Bij de montage van kinderveiligheidsstoeltjes voor de auto krijgen medewerkers ondersteuning van een operator support system (OSS). Eerder startte een vergelijkbare pilot bij de Amfors Groep. Samen met TNO willen SBCM en Cedris hierna nog een drietal andere pilots starten. Hebt u hiervoor interesse? Dien dan een aanvraag in. Kan technologie de inzetbaarheid van mensen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt vergroten en tegelijkertijd het productieproces optimaliseren? Het doel van de pilot bij Senzer is antwoord te krijgen op deze vraag. Via Senzer werken ongeveer 600 medewerkers vanuit de SW en Participatiewet bij zakenpartner Dorel aan de voor- en eindmontage van kinderveiligheidsstoeltjes voor de auto (Maxi Cosi). Deze medewerkers krijgen de komende tijd bij hun werk ondersteuning van een operator support system (OSS). Via het systeem zien ze geprojecteerde werkinstructies die hen stap voor stap door hun taken leiden en hen wijzen op eventuele fouten. Productieproces optimaliseren De vraag is of het OSS medewerkers kan helpen een hoogwaardig product te blijven leveren, terwijl tegelijkertijd het productieproces efficiënter wordt. Als medewerkers door het OSS bijvoorbeeld meer verschillende taken kunnen uitvoeren dan ze nu doen, kan het bedrijf een aantal werkplekken samenvoegen. En als het aantal fouten in de productie afneemt, zijn er minder controlepunten nodig. Hierdoor zou de kostprijs van het product lager kunnen worden. Tweede pilot in project SBCM, Cedris en TNO De proef bij Dorel/Senzer is de tweede pilot in een onderzoek van SBCM, Cedris en TNO naar de meerwaarde van innovatieve techniek voor bijvoorbeeld het sociaal werkbedrijf of sociaal ondernemer, de klant, de werknemer en de gemeente. Eind 2017 kende SBCM de eerste subsidie toe aan de Amfors Groep. Dit bedrijf  maakt in de pilot ook gebruik van de techniek van OSS. De vraag daar is of het OSS de inzetbaarheid en leerbaarheid van medewerkers kan vergroten. In volgende pilots willen de partijen experimenteren met andere technologieën en andere werksoorten. Nog ruimte voor drie andere pilotbedrijven Naar verwachting zijn er vijf pilots nodig om de meerwaarde van techniek voor de sociale werkgelegenheid voldoende te kunnen onderzoeken. SBCM stelt daarom subsidie beschikbaar voor nog een drietal pilots. Sociale werkbedrijven, sociale ondernemingen en inclusieve werkgevers die meedoen aan een pilot kunnen de kosten voor de uitvoering voor maximaal 50 procent vergoed krijgen vanuit het samenwerkingsproject, met een maximumbedrag van € 25.000,-. Hebt u belangstelling om aan de pilot mee te doen? Bekijk de voorwaarden en vul het aanvraagformulier in. (PDF-formulier  (246 KB) of  WORD-formulier  (346 KB)) Verdere samenwerking met TNO onderzocht In het onderzoek werken SBCM en Cedris samen met TNO. SBCM subsidieert de uitvoering van de pilots, TNO investeert in het onderzoek en Cedris stelt een kennisnetwerk van sociale werkbedrijven beschikbaar. Een aantal sociale werkbedrijven neemt deel in de klankbordgroep en heeft daarmee een adviserende rol. Terwijl de pilots nog lopen, verkennen SBCM, Cedris en TNO een verdere samenwerking. Bijvoorbeeld door kennis breder uit te wisselen en die te verdiepen of door een gezamenlijk kennisplatform te starten. Ook een vervolg op de pilots is mogelijk, waarbij de uitgeteste technieken ook bij andere bedrijven ingezet worden. Meer informatie We houden u op de hoogte over de pilots en de resultaten daarvan. Meer over het samenwerkingsproject en de pilot bij de Amfors Groep  leest u in een eerder nieuwsbericht. Via bijgaand  filmpje krijgt u inzicht in de bredere context van Smart Industry en in de opgave die er voor het bedrijfsleven ligt. Inclusie maakt hier deel van uit.

Lees meer

Opbrengsten pilot Amfors: technologie maakt complex werk voor meer medewerkers toegankelijk

  • Inclusieve technologie
  • Pilots

Dat is het resultaat van een pilot die het werkbedrijf heeft uitgevoerd. Het is de eerste pilot onder de vlag van de Kennisalliantie Inclusie en Technologie en deze is met succes afgerond.  In de  pilot bij Amfors Groep, het sociale werkbedrijf in de regio Amersfoort, krijgen medewerkers met een zogeheten Operator Support Systeem (OSS) op de werkplek geprojecteerde werkinstructies te zien. Het OSS leidt de medewerkers stap voor stap door hun taken en wijst tegelijkertijd op eventuele fouten. Uit de pilot is gebleken dat medewerkers met OSS meer en complexere taken aan kunnen met minder persoonlijke begeleiding, dan bij hetzelfde werk zonder OSS. Ook wordt de leertijd aanzienlijk verkort. Het resultaat is dat de productiviteit snel toeneemt, het aantal fouten afneemt en de medewerkers bovendien ook meer plezier hebben in het werk. Effect op zelfvertrouwen De pilotperiode was te kort om het effect op de persoonlijke groei van medewerkers te onderzoeken. Maar de ervaringen van de testdeelnemers en hun begeleiders wijzen erop dat het zelfvertrouwen toe kan nemen doordat de medewerkers zelfstandiger kunnen werken met minder begeleiding. Eén van de begeleiders in de pilot zei: ‘Een test van 1-2 uur levert medewerkers al meer zelfwaarde op.’ Kennisalliantie Inclusie en Technologie De pilot bij Amfors is de eerste onder de vlag van de Kennisalliantie Inclusie en Technologie (KIT), een initiatief van TNO, Cedris en SBCM. KIT wil in 2018 vijf pilots uitvoeren. Pilot twee is dit voorjaar uitgevoerd bij  Senzer, het werkbedrijf in Helmond. Een derde pilot bij  UW in Utrecht, start binnenkort. In deze pilots onderzoekt KIT de meerwaarde van inzet van nieuwe technologie per werksoort, met het oog op inzetbaarheid en ontwikkeling van medewerkers. Deze kennis gebruikt KIT samen met bedrijven, technologiepartners en investeerders voor verdere implementatie en opschaling. Door gerichte inzet van nieuwe technologie ontstaan er nieuwe kansen op duurzaam werk voor mensen met een beperking

Lees meer